Cursus Presenteren

Cursus Presenteren

Inleiding

Ieder goed idee moet uiteindelijk gepresenteerd worden. Vaak voor een groep of in een 1-op-1 situatie. Zou het niet geweldig zijn als je jouw presentatie nog duidelijker en effectiever kon maken? Dat kan! In vier stappen kan je hier leren hoe storytelling en communicatie werkt.

Het WdKA Business Station werkt aan het voorbereiden van studenten op het ondernemerschap. Praten over je werk en het presenteren is een belangrijk onderdeel daarvan. Het dwingt je om in korte tijd tot de kern van je verhaal te komen en duidelijk te communiceren.

Business Station heeft een methode ontwikkeld waarbij je in 4 stappen leert hoe je jouw presentatie vaardigheden snel kan verbeteren. Lees hier hoe je een verhaal duidelijk structureerd, overtuigend brengt en dus effectiever maakt!

Voorbereiding

SITUATIE

 Voor wie is de presentatie?

Voordat je aan een presentatie begint, moet je zoveel mogelijk te weten komen over de situatie. Ten eerste: Wie is je publiek? en Wat verwachten ze? Je presentatie is pas interessant als het publiek punten hoort die zij interessant vindt. Verder: Waar speelt het zich af? Een klein donker klaslokaal vraagt om een andere aanpak dan bijvoorbeeld op straat. Ook heel belangrijk, hoe groot is het publiek? De vorm van de presentatie wordt in belangrijke mate bepaald door de omvang van de groep. Er bestaan ruwweg 3 mogelijkheden: 1-op-1, kleine groepen (2-10), grote groepen (10+). Bedenk dus goed wat de context is voordat je aan je presentatie begint.

 

DOEL

– Wat is het doel?

Het doel van je presentatie moet zo concreet mogelijk van tevoren worden vastgesteld. Dit geeft je houvast bij het opzetten van je presentatie en bepaald welke vorm je moet gebruiken. Je doel wordt in het begin duidelijk genoemd. Tijdens je hele presentatie praat je naar dat doel toe. Kom dus aan het eind duidelijk ter zake, zodat je publiek weet wat er van ze verwacht wordt. Een presentatie is pas echt geslaagd als het doel wordt bereikt.

 

ONTHOUDEN

– Zorg dat het publiek onthoud wat jij wil dat ze onthouden.

Mensen kunnen niet veel tegelijkertijd onthouden. In een pitch van 1 minuut onthoudt men gemiddeld 3 dingen. Dat is niet zo veel. Bedenk dus van tevoren welke dingen het belangrijkst zijn in jouw presentatie. Introduceer ze zorgvuldig en herhaal ze eventueel een paar keer. Op die manier controleer je wat ze van je onthouden en waarom ze je moeten bellen. Zorg dat er niet teveel verschillende informatie in je presentatie zit. Daardoor raken mensen in de war en kunnen minder onthouden.

 

EIGEN STIJL

– Maak je presentatie uniek en blijf authentiek.

Het belangrijkst aan iedere presentatie is dat het authentiek is. Je kunt de structuur van deze cursus prima gebruiken maar blijf  wel bij jezelf. Je hebt er dan meer controle over en voelt meer zelfvertrouwen. Een originele en bijzondere presentatie zorgt er ook voor dat jouw verhaal beter onthouden wordt. Een standaard verhaal of teveel algemene informatie gaat snel vervelen. En als de aandacht van je publiek verslapt zijn ze niet meer ontvankelijk voor je verhaal. Een eigen stijl van presenteren laat zien dat je eigen ideeën hebt en niet bang bent om die te laten zien. Iedere presentator heeft specifieke kwaliteiten. Leer ze kennen en vertrouw erop. Een eigen stijl is veel belangrijker dan een super gladde anonieme presentatie geven.

 

TESTEN

– Maak meters.

De meeste mensen zijn geen geboren presentatoren. Zij moeten veel oefenen om zichzelf te verbeteren. Eerst schrijven, dan uit het hoofd leren en doen. Voor de spiegel, voor vrienden of op video. Veel repeteren zorgt ervoor dat je weet wat je wilt zeggen zodat je je kunt concentreren op het overbrengen van de boodschap. De meeste sprekers moeten hun presentatie minstens 3 keer voordragen om helder en ongekunsteld over te komen. Hoe meer je presenteert, hoe meer je leert en dus hoe beter je wordt. En hoe leuker het wordt!

 

STRESS

– Hoe meer je jezelf bent, hoe minder zenuwachtig je hoeft te zijn.

Spreken voor een groep is de grootste angst van mensen. Angst voor een ‘black-out’ of om ‘voor gek te staan’ is heel normaal. Toch betekenen zenuwen ook dat je betrokken bent, wil dat het goed gaat en dus extra geconcentreerd bent. Onzekerheid zit vooral in je eigen hoofd, publiek heeft vaak helemaal niet door hoe jij je voelt. Zeg dus nooit hardop dat er iets verkeerd gaat. Stop even, haal adem en neem de tijd om te bedenken hoe je verder gaat. Het hoort erbij en mensen begrijpen dat. Het kan zelfs sympathie opwekken. Een goede manier om toch wat aan je stress te doen is het inbouwen van zekerheden. Schrijf kernwoorden op kaartjes, gebruik dingen die je goed kent en oefen veel. En weet hoe je gaat beginnen en eindigen. Hoe beter je weet wat je gaat zeggen, hoe minder je denkt aan wat er mis kan gaan. Door veel te presenteren kom je er achter wat de beste manier voor jou is. Eerlijk en origineel – dat geeft zelfvertrouwen én spreekt mensen het meest aan.

 

ELEVATOR PITCH

– De concrete presentatie.

Een elevator pitch is de meest gebruikte vorm van presenteren. Het is een 1-op-1 presentatie van meestal een minuut. Daarin overtuig je iemand van jouw idee, project, product of dienst. Doel van een elevator pitch is om iemand  jouw plan, naam en enthousiasme te laten onthouden. Vaak eindigt de elevator pitch met het achterlaten van je contactgegevens. Naar aanleiding daarvan kan een vervolgafspraak gemaakt worden waarbij je meer tijd hebt om dieper op je onderwerp in te gaan.

Presentatie structuur

1. INTRO  /  WII4ME

– Wat heeft het publiek er aan?

In het begin van je presentatie heb je 100% aandacht van het publiek. Daarom blijven je eerste woorden het beste hangen. Zorg dus voor een pakkende start die het publiek direct, echt in de eerste zin, duidelijk maakt waar de presentatie over gaat en wat zij eraan hebben. Het publiek staat centraal en niet de presentator. Dit noemen we in presentatie termen What’s in it for me? (WII4ME).

2. CONNECT

– De presentator is een expert en komt betrouwbaar over.

In het tweede onderdeel van je presentatie wordt de spreker zelf geïntroduceerd. Er moet een vertrouwen in de presentator ontstaan bij het publiek. Ze zien hem als expert, geloven hem en kunnen met hem indentificeren. Dat is essentieel want mensen gaan altijd eerst af op de persoon. Wil je iets van ze gedaan krijgen, zal je een band moeten creëren en ze emotioneel moeten raken. Noem dus je naam maar vooral je drive en doel. Waarom ben jij hiermee bezig? Wat is jouw passie? en Wat wil je ermee bereiken?

 3. INHOUD

– Hier wordt dieper op het onderwerp ingegaan.

Dit is het middenstuk en langste deel van je presentatie. Je WII4ME wordt hier toegelicht en zo concreet mogelijk wordt ingegaan op het onderwerp.

Laat vooral merken dat er veel over weet. Doe voldoende research en ken de feiten. In iedere presentatie worden hier de W-vragen duidelijk beantwoord: Wat is het / Waartoe leidt het / Waar is het / Wanneer is het? Daarnaast ook de Hoe-vraag: Hoe werkt het precies? Hoe ga je jouw droom precies realiseren? Wees zo concreet en duidelijk mogelijk zodat iedereen begrijpt waar het precies over gaat.

4. EINDE  /  ACTIVATE

– Je komt terzake om je doel te bereiken.

Zorg voor een duidelijk einde waarbij je, indien nodig, ter zake komt. Denk terug aan je doel. Wat wil jij met deze presentatie bereiken en wat wil je van het publiek? Daarbij zijn er 2 mogelijkheden: je wil dat ze iets doen of je wil dat ze iets onthouden. Mensen herinneren zich de laatste zin van een presentatie altijd goed. Maak daar gebruik van en bedenk goed hoe je wil afsluiten en dus wat jij wil dat ze onthouden. Herhaal de belangrijkste punten nog een keer. Vaak sluit het einde van een presentatie weer aan bij het begin, de WII4ME.

Presentatie impact

EFFECT

– Wat is belangrijk?

Jouw impact op de buitenwereld en dus ook het effect van je presentatie wordt bepaald door:

 

1. de woorden                             7 %

2. de intonatie                           38 %

3. non-verbale informatie         55 %

 

Alle 3 elementen (Woorden: wat je zegt, Intonatie: hoe je het zegt en Non-Verbale Informatie: fysiek / de ruimte / hulpmiddelen) moeten goed op elkaar zijn afgestemd. Over het algemeen krijgt de presentator 2/3 van de aandacht, terwijl de inhoud op 1/3 kan rekenen. Zorg dus voor een scherpe inhoud van je tekst maar vergeet vooral niet hoe je de boodschap overbrengt. Er valt veel winst te boeken met stemgebruik en vooral lichaamstaal (55%). Helaas kan non-verbale informatie ook erg afleiden. Voorkom teveel ruis van jezelf (bijv. teveel beweging), de omgeving (lawaai op de achtergrond) of hulpmiddelen (bijv. Powerpoint werkt niet).

PAUZES EN STILTE

– Even niets zeggen is het moeilijkste van presenteren.

Een veel voorkomend probleem bij het presenteren is teveel praten. Voor veel sprekers is het ontzettend moeilijk om even niets te zeggen. Af en toe een korte adempauze tussen de zinnen, net zoals witregels in een boek, lijken voor veel presentatoren wel eeuwig te duren. Het publiek ervaart dit heel anders. Het voelt het meest ontspannen aan wanneer er 10 seconden stilte in een pitch van een minuut zit. Deze stiltes hebben 3 functies:

1. de spreker kan even ademhalen en nadenken

2. het publiek krijgt de tijd om de informatie snel te verwerken

3. ze geven betekenis aan de woorden

 

UITSTRALING

– Jij bepaalt hoe het publiek zich voelt.

Wat jij uitstraalt tijdens een presentatie wordt direct overgenomen door het publiek. Dat heet spiegelen in presentatietermen. Zorg dat je enthousiast, betrouwbaar en deskundig overkomt. Daardoor luistert het publiek beter en staan ze open voor je boodschap. Als je erg zenuwachtig bent, probeer dan net te doen alsof je ontspannen bent. Want als jij minder nerveus overkomt, blijft het publiek ook rustig. Kijk mensen in het publiek aan die je een goed gevoel geven. Een open houding en een lach ontspant jezelf en het publiek altijd. Het publiek beoordeeld je presentatie voor het grootste deel op jouw enthousiasme en uitstraling (66%).

HULPMIDDELEN

Zorg ervoor dat hulpmiddelen geen doel worden.

Soms komt het voor dat er bij een presentatie hulpmiddelen gebruikt worden zoals bijv. Powerpoint, Prezi, microfoon, afstandsbediening, video, portfolio of een object. Prima, maar kijk ervoor uit dat dit niet teveel aandacht opeist en concurrentie voor je gaat worden. De focus moet bij jou en je verhaal blijven liggen. Verkeerd gebruik van attributen kan enorm afleiden. Denk aan onscherpe videoprojecties, een microfoon die niet werkt, hysterische Prezi beeldovergangen of een veel te lange PowerPoint presentatie. Bedenk van tevoren goed hoe je presentatie in elkaar steekt en maak een draaiboek. Dat noemen we ‘scripting’. Op die manier zorg je dat attributen gecontroleerd en bewust gebruikt worden en je verhaal juist versterken.

Presentatie inhoud

– Waarom, Wat en Hoe?

Om de inhoud van je presentatie zo effectief mogelijk over te brengen, moet er een duidelijke lijn in je verhaal zitten. Zomaar beginnen en zien waar je uitkomt is meestal een rommelige en verloren presentatie. Een heldere presentatie geeft antwoord op de volgende vragen:

Waarom  –  waarom doe je dit?
Wat  –  wat is het onderwerp?
Hoe  –  hoe werkt het precies?

De volgorde van die vragen is ontzettend belangrijk. Om je publiek echt te interesseren voor je presentatie moet je ze in het begin ontvankelijk maken. Dat doe je door ze emotioneel te raken. Laat dus zo snel mogelijk merken hoe gepassioneerd jij zelf bent over je onderwerp. Want als het publiek geen drive en passie aan jouw kant voelt, zullen ze dat zelf ook niet voelen. Vroeger begon een presentatie met Wat, Hoe, Waarom. Tegenwoordig beginnen we met Waarom (emotie, passie, drive). Daarna pas leg je uit Wat je onderwerp precies is en Hoe het werkt.

Samenvatting

Bij een goede presentatie komen veel dingen kijken. Het helpt daarom om je goed voor te bereiden en veel te oefenen. Voordat je begint, stel je het publiek en je doel vast. Voor wie ga ik presenteren en wat wil ik ermee bereiken? Kies de juiste vorm en aanpak. Zorg voor een heldere structuur in je verhaal. Begin met de WII4ME waarbij jouw drive en passie duidelijk voelbaar is. Daarna stel je jezelf voor en komt enthousiast, deskundig en betrouwbaar over, CONNECT. Bij de INHOUD leg je concreet uit wat het onderwerp is en hoe je jouw plan wil realiseren. Sluit af met een ACTIVATING MOMENT, je vertelt het publiek wat je van ze verlangt. Herhaal eventueel de belangrijkste punten uit je presentatie nog een keer. Zorg voor niet teveel informatie in je verhaal. Probeer altijd origineel te zijn. Een unieke en authentieke stijl ontspant en wordt het beste onthouden. Zenuwen zijn vervelend maar probeer het niet teveel te laten zien. Neem je tijd, adem rustig, gebruik stiltes, beweeg bewust, glimlach een keer. Jouw uitstraling is minstens even belangrijk als de inhoud van je presentatie. Sluit af met het uitwisselen van contactgegevens zodat er gemakkelijk een vervolgafspraak gemaakt kan worden.

Do's & Dont's

DO’S

• publiek aankijken

  stevig staan

  wees concreet en enthousiast

  begin met een knallende eerste zin

  duidelijk praten: volume en articuleren

  las korte stiltes in  (adem, info, betekenis)

  sluit sterk en duidelijk af

  nodig je publiek uit voor feedback/ vragen

  projectie: eindig met contactgegevens duidelijk in beeld

  laat iets achter (businesscard / samenvatting plan)

  bij 1-op-1 of kleine groepen: maak een vervolgafspraak

  laat max. 2 weken na je presentatie nog iets van je horen

DON’TS

• niet goed voorbereid zijn

• van briefje voorlezen

• je rug naar het publiek gericht

• armen over elkaar, handen in zakken, benen gekruisd

• onbewuste lichaamsbewegingen

• te snel praten zonder pauzes

• teveel stopwoordjes

• spreken zonder passie

• te weinig vanuit het publiek gedacht

• teveel informatie

• teveel vaktermen

• te weinig concrete voorbeelden

• te weinig structuur

• teveel cliché’s en algemene informatie

• anderen proberen na te doen

• technische problemen

• eindigen met ‘Dat was het’

Comments, vragen

Leave a Reply